‘Wie oog heeft voor vergankelijkheid, ziet onbedorven schoonheid.’ Dit is sinds jaar en dag het motto van beeldend kunstenaar Be J. Birza. Zijn boekobjecten en wandobjecten zijn de zwijgende getuigen van het vergankelijke. Kleine waardeloze voorwerpen zoals stukjes beschreven papier, postzegels en oude attributen krijgen van Birza een poëtische zeggingskracht als hij ze, met hulp van hedendaagse technieken, arrangeert in een nieuw kunstwerk.

Na een carrière als grafisch ontwerper legt hij zich sinds enkele jaren volledig toe op beeldende kunst. In zijn atelier annex galerie ‘De Kunsten - Trefpunt voor Hedendaagse Kunst’ in Deventer toont hij werk van zichzelf en van kunstenaars met wie hij zich verwant voelt. En hier werkt hij continu aan nieuwe boek- en wandobjecten.

Een blik op Birza’s assemblages op zink en papier doet denken aan het werk van kunstenaars als Anselm Kiefer, Joseph Beuys en Antoni Tàpies. Zink en andere metalen onderwerpt hij aan chemische procedés, die oxidatie en verwering teweegbrengen. Ze vormen de grijsgrauwe verweerde achtergrond voor assemblages, waarop alledaagse gevonden voorwerpen de aandacht trekken. Een roestige soeplepel, kwasten, oude koperen belletjes of een loep; door ze te herschikken in combinatie met oude foto’s, handschriften en stempels krijgen ze een haast filosofische zeggingskracht.

Zo verheft hij het ‘onbeduidende’ tot kunst.

In zijn boekobjecten onderzoekt hij het boek als vorm. Lood en leisteen vormen het solide fundament van alle boek-objecten. De opengeslagen boeken bieden een blik in Birza’s poëtische binnenwereld. In zijn meest recente serie boekobjecten is hij vooral gefascineerd door gebouwen. Afbeeldingen van bekende gebouwen zoals het Concertgebouw, de Nicolaaskerk, het Rijksmuseum in Amsterdam en de Lebuïnuskerk in zijn woonplaats Deventer. Door computer-technieken wordt laag over laag het beeld tot stand gebracht en door middel van hitte in het dikke papier geperst. Vervolgens voorziet hij ze van kleine objecten zoals een munt, een gordijn-koord of een deel van een dwarsfluit.


Zo ontstaat een wereld waarin in onbruik geraakte attributen een tweede leven krijgen. En waarin het boek langzaam maar zeker ook een plek aan de wand krijgt, want de sokkels zijn zo gemaakt dat de boekobjecten aan de wand kunnen hangen.


Is het de verbinding met de arte povera? Is het juist het pretentieloze karakter van de assemblages? Of spreken zijn wandobjecten en boeken voor zichzelf? Er is een groeiende belangstelling voor zijn werk. Diverse bedrijven en organisaties kochten werk van hem aan, maar ook steeds meer particulieren creëren een plek in hun interieur voor met name de boek-objecten. Recentelijk mocht zijn werk zelfs koninklijke belangstelling genieten.

home.html
cv.html